15. jan, 2016

Aaiend water


De dag smeekt me aan.
De dag, hij breekt me open.

Met al zijn licht dat als een vers knipmes
door mijn nog half gesloten oogleden kerft.

Raap jezelf weer samen, bijeen.
Graai je armen en benen bij elkaar, twee bij twee.
En zaai je slaperig gezicht in aaiend water.

Nagel je tong tegen de nok van je gehemelte
en ga.

En ga uit werken
met een trommel vol van uitgewoonde boventalligen.

Verdien zwijggeld, het gaat je immers niet aan
hoe anderen dagelijks hun tong verbranden
in hun zelfwaan van profilering.

Alsof dat er toe doet, er toe doet.

Ik wil, ik zal zo niet zijn.
Ik zal niet branden.
Niet landen in de hartklep van de zwarte letters.

Ook al vind ik nergens, nergens rust in mezelf.



© Rudolf

.